Voor het kamerbrede flatscreen was het weer ouderwets afkraken geblazen van ‘onze jongens’. Ik bekritiseer, ik tier en schoffeer, verzin nieuwe kreten en stuur mijn ongebreidelde onzin wireless naar het scherm.  Antwoord is er slechts zo nu en dan van mijn bankzittende huisgenoten die waarschijnlijk nog minder van het spelletje begrijpen dan ik. Meegaand zijn ze en doen er soms nog een schepje bovenop, niet omdat ze het beter weten maar om de krachttermen van de man des huizes te ondersteunen. Hij zal het immers wel weten.  Ze staan achter mij in voor- en tegenspoed.

In mijn onnozelheid ga ik zelfs zover dat ik mezelf wijsmaak dat de beste trainer op de bank zit, lekker met een glaasje Port.  De huiskamer zal een blauwdruk geweest zijn van de vele doorzonkamertjes in ons Vinexwijkje. Toch zit er een kern van waarheid in, oprechte eerlijkheid, zo zou ik het willen omschrijven. Ik ben namelijk heel blij dat ik aan de wal sta. Gewoon vaste grond onder de voeten.

Eilandbewoners

Grappig. Niet zelden heb je weleens de drang om je even te willen terugtrekken op een eilandje, een tijdje lekker jezelf kunnen zijn, de natuur en de eenvoud opsnuiven, terug naar de basis, simplistisch maar doeltreffend. De geest leegmaken en weer nieuwe energie opdoen.

Onze Oranjevrienden van de groene mat, die kunnen dat wél. Ze doen dat zelfs zo goed dat ze er zijn blijven wonen. Het eiland is hun wereld geworden en de wal is ver weg, heel ver weg, haast niet meer te zien.

Op de wal daar wonen de ‘gewone’ mensen, ze werken voor een modaal loontje en sparen voor een kaartje stadion. Een kolonie oranje ‘roepie roepies’ had zich toch moed ingedronken en verlof opgenomen om de sfeer van ronkende Lada ’s en meisjes van plastic over zich heen te laten komen. Een maandloon en een illusie armer waren juist zij het die nederigheid moesten tonen. Hun helden hadden geen tijd.

Getraind moest er worden (nou ja getraind..) en wel achter dichte deuren, honderden meters zeildoek moesten hun zo geheime supertrainingen verbergen. Staatsgeheimen waren het. Schneidertje was verbolgen. Er was een lek! Een klokkenluider, iemand van binnenuit heulde met de vijand en had verklikt hoe er getraind was. Nu was alles verloren!

De spelersbus

Het verschijnen van dit voertuig is het ultieme moment voor een trouwe fan om oog in oog te komen met hun van der Wiel, Robben, van Persie en nog meer namen waarvan de meesten inmiddels alweer van mijn harde schijf gewist zijn. Het maakt ook niet uit. Net als dat in een vliegtuig elke maaltijd smaakt naar geweekt karton, zo smaakt ook de rouwstoet van spelers die de bus verlaat om met minachting van de meegereisde supporters de twintig meter over te steken naar hun eiland.

Overgoten met een vrome saus van chagrijn, de oren volgepropt met geluidsdoppen, kwam er slechts een enkel haperend woord uit. Zachtjes, bedeesd en schichtig om zich heenkijkend werd er dan het vooraf doorgenomen zinnetje opgezegd. Ver boven alles verheven. Stel je voor dat je met die walbewoners een praatje moet maken. Gedwee en als natte dweilen ondergingen ze hun lot, niet het minste initiatief, geen muiterij, een lekkere blindganger, niets van dit alles. Henk en Ingrid waren het kind van de rekening.

Mannen van staal, kom aan wal

Na goed een half uurtje was de koek op. Het Ganzenborden op de laptopjes had niet het gewenste resultaat opgeleverd, systemen liepen vast, virussen hadden al langere tijd vrij spel, updaten was er niet bij geweest. Creatieviteit en improviseren waren onbekende middelen, nog nooit van gehoord. Het Mens Erger Je Niet kwam op tafel maar daar was helemaal niemand goed in. De gemiddelde conditie stond gelijk aan die van een moerasschildpad al jaren genietend van zijn pensioentje. Nu is het tijd voor de Malediven of de Seychellen, eisen stellen. Bespreken van een nieuw contract. Ik wil nu naar het miljoen maar dan wel per maand, mijn eiland moet groter.

Heren van Oranje ga eens kijken in Kenia zoek het plaatsje Iten op en kom op tijd uit je tent, poets je tanden bij de put en zorg dat je om 5.30u. bij de viersprong bent op het rode pad. Zie wat er langs je heen loopt. Leg dan je hoofd in je handen en schreeuw en jank je verwende arrogantie eruit.

Weleens echt pijn in je poten gehad? Zes bergen over op je fietsje? Geen vel meer op je lijf? Met een pincetje het gruis uit je wonden pulleken? Tien maal naar achteren om twaalf bidonnen op te halen voor je maten? Verrot aan de meet maar eerst even je verhaaltje doen voor de pers met een vloek maar ook een grijns.

 

Bert en de jongens, oogjes toe en slaap lekker.

HV